Toyota's "Kaizen"

Gepubliceerd op 06 april 2004 door Jo Vleugels

Waarom begint een autofabrikant met een Formule 1 team en wat zijn de doelstellingen? Het is zeker niet goedkoop en ook vol met risico's. Toen Toyota enkele jaren geleden besliste om in de Formule 1 mee te gaan strijden, werd geen half werk geleverd. In Keulen bouwde men een nieuw hoofdkantoor voor 150 miljoen dollar en men nam meteen zo'n 600 mensen in dienst.

Het kost minimaal 100 miljoen dollar per jaar om een redelijk Formule 1 team te runnen. Om continue met de top mee te strijden dient men dat bedrag te verveelvoudigen. Maar het zijn niet enkel financiële risico's die een autofabrikant neemt. Indien Toyota niet regelmatig scoort en races wint zal dat zijn weerslag hebben op het imago van dat merk, de reputatie en uiteindelijk ook op het koopgedrag. Zeker indien het merk sportieve modellen op de markt brengt.

De filosofie van Toyota is "Kaizen". Dit Japanse woord staat voor continue verbetering. Niet enkel op technisch vlak, maar in het hele bedrijf. Het omvat managers, werknemers en coureurs. Enkele jaren goed zijn is voor Toyota dan ook geen reden om iemand in dienst te houden. Hun filosofie verlangt dat je elk jaar beter presteert. Om dit in de snelle Formule 1 wereld waar te maken is al een heel grote opgave. Nu er in het derde jaar nog steeds geen winnende races in het verschiet liggen, begint de druk langzaam te stijgen. De eerste drie races van dit seizoen leverden geen directe reden op om te denken dat Toyota naar de top doorgestoten is.


Toyota 2004, wachtend op een overwinning

Zoals alle autofabrikanten die deelnemen in Formule 1 heeft Toyota maar één doel: meer auto's verkopen. Maar Toyota verkoopt al gigantisch veel auto's. In Australië is hun marktaandeel 21%, in Zuid-Afrika bijvoorbeeld 25%. Waarom zou zo'n sterk bedrijf dan de competitie gaan zoeken in een omgeving waar elk foutje zwaar afgestraft wordt. Bovendien is Formule 1 een live publiek gebeuren waar je naam in -letterlijk- één klap te grabbel gegooid kan worden. Het heeft allemaal te maken met "Kaizen".

Toyota was al succesvol in de rallysport en in 1999 finishte een Toyota als tweede in de 24-uur van Le Mans. In Amerikaanse autosportseries is de naam van Toyota al heel groot. In bijna elke klasse heeft de fabrikant al de nodige overwinningen gehaald. Een stap naar Formule 1 was dan pure logica gezien in het licht van "Kaizen", continue verbetering.

De weg naar Formule 1 was volkomen gestructureerd en methodisch. Niets werd aan het toeval overgelaten.
Het Japans bedrijf keek naar iemand die veel motorsport ervaring had om het Formule 1 team te leiden en zo kwamen ze al snel bij Ove Andersson, die eerder al Toyota's rallyteam naar successen had geleid.

"Formule 1 is de top van motorsport," zei Andersson. "Na de Formule 1 komt niets meer. Toyota is succesvol geweest is alle andere vormen van motorsport en heeft in elke tak zijn overwinningen gehaald. De volgende stap is dan Formule 1, dat is alleen maar logisch."


Ove Andersson, adviseur bij Toyota

Aan twee kanten moest Formule 1 iets opleveren voor Toyota. Aan de ene kant moesten de Japanse ingenieurs nieuwe technieken kunnen leren en andere manieren ontdekken om technische problemen op te lossen. Dit kon weer toegepast worden in de normale autofabrieken van Toyota.
Op de tweede plaats zou het Toyota merk door in Formule 1 te winnen minstens gelijkgesteld worden aan merken als BMW, Jaguar, Mercedes-Benz en vooral Honda in de ogen van de potentiële kopers.

Hun keuze om meteen met een eigen motor en chassis te komen, bewees dat Toyota ervan overtuigd was binnen enkele jaren aan de top mee te kunnen draaien. Terwijl BMW, Mercedes-Benz en ook Ford het zochten in bestaande chassis- of motorenfabrieken, bouwde Toyota de hele auto zelf. Hiermee dachten ze meteen een voorsprong te kunnen nemen op hun grootste concurrent Honda, die toen nog enkel motoren leverde aan BAR.

In 2001 kon Toyota reeds deelnemen in Formule 1, alles was reeds geregeld. Maar ze kozen ervoor om eerst een compleet jaar te testen met de auto en deze verder te ontwikkelen. Ze leerden hoe alles werkte en zo kregen ontwerpers en ingenieurs tijd om enige ervaring op te doen, voordat de snelle competitie in het startveld zou beginnen.

Maar nu, na enkele seizoenen min of meer meerijden, begint de "Kaizen" te roepen. Langzaam ziet men enige progressie, in betrouwbaarheid en snelheid. Maar "Kaizen" dicteert meer en eist snellere vooruitgang. Een fout ontwerp, een geplofte motor, het zijn de angstbeelden die bij het team leven. Elke fout betekent achteruitgang. En dat past niet in de filosofie van Toyota.

In het verleden heeft men vaker gespeculeerd over de coureurwisselingen die nogal wat vraagtekens opleverden. Maar ook daar is "Kaizen" verantwoordelijk voor. Het is absoluut niet genoeg om een goede coureur te zijn. Een coureur moet beter worden, week na week. Kan dat niet meer dan wordt de coureur vervangen door iemand die wel progressie kan boeken. Of die vervangende coureur dan beter is, dat is van iets minder belang. Als hij maar "Kaizen" kan tonen.

"Als de gemakkelijkste weg was gekozen, dan hadden we eerst motoren aan een bestaand team geleverd," aldus Ove Andersson. "De uitdaging die we op ons genomen hebben is groot, ik kan me niet indenken dat we zouden falen. Voor Toyota is dat gewoon ondenkbaar. Dit is geen McLaren met een semi-Mercedes motor erin, het is een totaal Toyota project. Het was echter de enige mogelijkheid om Toyota's filosofie naar het publiek uit te dragen."

"Ik denk niet dat je als bedrijf dergelijke investeringen maakt, als je niet zeker weet dat de doelstellingen op een dag gerealiseerd zullen worden. Alles is er op gericht om te winnen, wat we zeker ooit zullen doen."

Andersson stelt verder dat rally racen ook de constructie van de Toyota personenauto heeft verbeterd. Hij is van mening dat Formule 1 dat ook gaat doen. Niet direct de gebruikte technieken, maar veel meer de ervaring die de ingenieurs opdoen met werken in een hectische wereld. Ook de heel ander soort probleemoplossing is een leerproces dat de kwaliteit van de Toyota ingenieurs moet verbeteren. De eerste ingenieurs met nieuwe inzichten zijn inmiddels teruggekeerd in de Japanse Toyota fabrieken. De leerschool die ze gehad hebben mag niet onderschat worden. Zij kunnen nieuwe technieken in de normale Toyota's ontwikkelen die eerst niet voor mogelijk werden gehouden.

Andersson merkt op: "Als enkele jaren geleden een Toyota rijder een andere Toyota eigenaar ontmoette, hadden ze niets om over te praten. Nu praten ze over Formule 1. Als een Duitser tegenwoordig een Toyota koopt, hoeft hij zichzelf niet meer te verantwoorden waarom hij zoiets doet."


Tsutomu Tomita, teambaas Toyota

Voor de aanstaande race in Imola verklaarde teambaas Tsutomu Tomita dat er een compleet nieuw aërodynamisch pakket op de auto zal komen. "Ik ben ervan overtuigd dat dit ons weer een hele stap vooruit zal brengen," aldus Tomita. Alhoewel dit gezien de "Kaizen" filosofie van Toyota heel normaal zou moeten zijn.

Mochten er op korte termijn geen resultaten komen bij Toyota, zullen er gegarandeerd wijzigingen plaats gaan vinden. Waar weet vooraf niemand. Bij de coureurs, het management, de ontwerpers of misschien wel in de samenwerking met andere teams of zelfs bandenleveranciers. Daar hoeft niemand zich over te verbazen. Het is allemaal "Kaizen".
Kijk er dus niet van op als Toyota nog tijdens dit seizoen ergens iets gaat wijzigen. Het zit allemaal in hun filosofie gebakken, ze kunnen niet anders!

Jo Vleugels